De column van Herma

Overhoop

Mijn columns gaan over reuma. Over de beperkingen, het gevoel, de ervaringen. Maar nu ligt ons hele leven overhoop. Af en toe lig ik er midden in de nacht van wakker. Van mijn regelmaat is – net als bij iedereen – weinig meer over: geen therapie, fysio, bijeenkomsten of clubs. Geen vrienden of familie en weinig naar buiten. Ik denk aan de mensen die getroffen zijn en maak me zorgen over dierbaren – dichtbij en veraf. En ik raak af en toe achter adem: de informatie over de voortgang gaat zo snel, wat je vandaag leest en hoort en waarvan je schrikt, is na een paar dagen al weer bijna ‘gewoon’.
De zieke mens wist al hoe belangrijk goede medische zorg is. Maar nu is iedereen er keihard achtergekomen hoe belangrijk toegang tot goede en betaalbare gezondheidszorg is en hoe hard daar voor ons allemaal wordt gewerkt. Ik kan de pandemie – in cijfers – ook haast niet bevatten. In een column * las ik: “Als het aantal infecties zich in drie dagen ongehinderd kan verdubbelen, heeft één geval zich in een maand vermenigvuldigd tot duizend, in twee maanden tot een miljoen en in drie maanden tot een miljard.” Dan zijn die wereldwijde maatregelen zo logisch.

Initiatieven
Ik moet met reuma toch wel bewegen. Daarom zette ik maar een beweegparcours uit: 15 minuten door het huis banjeren. Om de tafel, door de keuken, om de bureaustoel in de werkkamer, de trap op en af, bukkend een kruimel oprapen … in 15 minuten had ik m’n cardio op een hele andere manier gedaan dan normaal bij de fysio. Was het leuk? Nee. Maar voor deze tijd wel goed.
Overal ontplooien mensen initiatieven, zoeken de uitdaging op, grijpen kansen aan: bedrijven bezorgen maaltijden en boodschappen, je krijgt ineens hulp van mensen die je niet kent. Kinderen leren en volwassenen werken thuis. Mensen ruimen hun huis en de computer op, organiseren hun duizenden foto’s. Ouderen leren hoe te skypen om zo de contacten met dierbaren te onderhouden. Iedereen is meer gaan bellen en appen. De cultuursector toont ook zijn veerkracht: nadat die moest stoppen, ontstonden huiskamerstudio’s, muzieklessen via internet, kwamen opnames van concerten en cabaret online, werden digitale archieven van musea geopend.

© www.anuka.nl

De sector, waarop eerder zo bezuinigd werd, zorgt er nu voor dat we – in deze min of meer quarantaine – toch wat kunnen genieten. Door alle initiatieven kunnen we het nieuwe leven wat meer accepteren.
Ik moet veel thuis zijn omdat ik bij de risicogroep behoor en extra voorzichtig moet zijn. Die reuma is nu minder bepalend in mijn leven. Maar tegelijkertijd is en blijft de reuma juist de ‘cruise-control’ …
Ik vind het allemaal best verwarrend. Als ik erover nadenk, zie ik ineens mijn oude tante Netty voor me. Ze werkte voor de oorlog in de Jordaan in Amsterdam. In haar leven gebeurden veel dingen waar ze moeite mee had, maar die ze moest accepteren. Gelukkig had ze humor. Als alles haar wat te veel werd, werd ze jolig, stak haar twee wijsvingers in de lucht en deed, draaiend in het rond, een dansje. En dan zong ze – op z’n Jordanees – : En van je hela hola, ….
Het veranderde niets, maar ‘t hielp.

Reageren?
hermajurgvanduijsen@gmail.com

* van Robbert Dijkgraaf, directeur Institute for Advanced Study in Princetown